Voorjaar in de IJsselvallei, 10 mei 2009

WandelMagazijn > Voorjaar in de IJsselvallei

De tocht

Eerste pagina van deze tocht | De foto's

Zondag 10 mei 2009. Het is weer mei. En volop voorjaar! Mensen blij, dieren in de wei. Tijd dus voor onze jaarlijkse fietstocht door de fraaie IJsselvallei. Sinds 1999 alweer fietsen we ieder jaar een flinke tocht, die ieder jaar weer nieuwe verrassingen oplevert en daardoor nog steeds niet verveelt. Ieder jaar is het echt anders!

Dit jaar rijden we via het oude spoorwegtracé richting Vaassen naar de Wenumse molen, tegenwoordig mooi gerestaureerd. We fietsen dit jaar enkele weken later dan andere jaren en dat zien we gelijk aan het landschap. Waar anders de velden goudgeel zien van de paardenbloemen,zien ze nu grijs van de pluizenbollen. Ook mooi, trouwens.

We wandelen met de fiets aan de hand een zijpad in, dat we nog niet eerder ontdekten. Kijk, dat is nu één van die verrassingen die we op ons jaarlijkse steeds weer tegenkomen. In het hoog opgaande gras bloeien duizenden onkruiden. Boterbloemen, fluitekruid, klaver, zuring, lepelblad, paardenbloemen - het zijn te veel soorten om op te noemen. We kennen er trouwens maar een fractie van bij naam.

Voorbij de molen rijden we door naar het Apeldoorns Kanaal, we steken over en rijden langs stille binnenwegen naar De Vecht. Onderweg genieten we van de rust van het landelijke buitengebied, zonder toeristische attracties maar daarom juist zo stil, mooi en bijzonder.

Onderweg naar De Vecht ontdekken we nog zo'n zijpaadje waar we nooit eerder ingingen. Hoge bomen aan weerzijden, een berm van manshoog fluitekruid. Waar zouden we uitkomen? Kronkelend voert het pad langs weilanden met paarden, die verbaasd opkijken van onze aanwezigheid. Er zal hier niet vaak iemand langskomen - dat blijkt tenminste wel uit hun reactie. Voorbij enkele schuren stuiten we op een open deur, waardoor al snel drie nieuwsgierige koeien naar buiten turen. We zijn hier de bezienswaardigheid van de dag!

In De Vecht strijken we neer voor koffie & gebak op het terras van het café, aan het enige kruispunt dat het dorpje rijk is. In de verte komt een open koets aan, getrokken door een vierspan. Een oefenritje kennelijk, want op het kruispunt wordt gedraaid en de koets rijdt weer terug in de richting waar hij vandaan kwam. Een fraai gezicht, die vier grote paarden, twee witte en twee bruine, die als één geheel soepel door de bocht gaan.

Langs het water omzoomd met fraaie bomen rijden we met een boog in de richting van wat gerust hét hoogtepunt in de route mag worden genoemd: het kerkepad naar Nijbroek. Halverwege het pad, bij de brug over een smalle wetering, houden we een korte pauze. Koeien in de wei, de wilgen gesnoeid, de zon straalt. Op een grasland achter een nabijgelegen huis drinken twee jonge lammetjes gulzig bij hun moeder. Aan de andere kant van het kerkepad dartelen jonge kalfjes door de wei. Langs het water groeit en bloeit het fluitekruid met gele accenten van lissen en boterbloemen. Boven dit pastorale landschap een strakblauwe lucht waarin alleen de strepen condens van de vliegtuigen aan een andere, hectischer, wereld herinneren. Want wat kun je van binnen rustig worden van zo'n landschap.

Van Nijbroek rijden we over stille landwegen naar de IJssel. De dijk op, en gelijk weer af. Marjan ontdekt een bordje met de mededeling dat het militaire oefenterrein toegankelijk is voor fietsers. Altijd reden we voorbij aan de zware slagboom en de koepel met het glimmend gepoetste machinegeweer - klaar voor gebruik, zo lijkt het. Nu rijden we over een lange weg, omgeven door een uitbundig bloeiende meidoornhaag omlaag naar de rivier. Veel verder dan de rivieroever kunnen we niet in dit terrein, omdat de paden niet doorgaand zijn. Alleen de fraaie haag en het uitzicht op de rivier maken het ommetje echter al de moeite waard.

Over de IJsseldijk rijden we verder in de richting van Welsum. Prachtige dijkbermen met margrieten, boterbloemen, fluitekruid, zuring en klaver. De vele motorrijders op de dijk lijken ze niet te zien, zonder op of om te kijken racen ze voorbij. Wij geven onze ogen echter des te beter de kost!

In een weitje beneden ons ziet Marjan ganzen. In een lange rij wandelen ze langs de hoog opgaande elzen naar de waterkant. Een mooie aanleiding om even af te stappen en over het graspad naar de wei te lopen. Tegen de tijd dat we daar zijn, zijn de ganzen allang in het water verdwenen. Maar enkele paarden, die verderop graasden, komen in galop naderbij. Zoveel mensen stappen hier niet af; dat willen ze wel eens van dichtbij bekijken. Na een flinke knuffelpartij verlaten we de dieren en rijden verder.

Bij een huis worden zelfgemaakte wenskaarten verkocht. Zomaar, in een bak langs de weg met, ook zomaar, een doosje ernaast voor het geld. Mooi dat dat hier nog kan.

Verderop is een café waar we even uitblazen met ice tea en sorbet en overleggen over onze verdere route. Die loopt ten noorden van Welsum met een grote boog naar het westen. Eenmaal van de dijk af rijden we al snel weer in het stille buitengebied dat de IJsselvallei kenmerkt. Geen toeristische fratsen, geen lawaai, geen poespas. Gewoon het landschap, zoals het is.

Vanuit Oene rijden we naar het zuidwesten, tot we op het Apeldoorns Kanaal stuiten. Dat volgen we een heel eind, tot we bij Epe overgaan op het fietspad dat aan de andere kant van het water helemaal tot aan Apeldoorn loopt. Onder dicht bebladerd geboomte rijden we rustig verder. De namiddag vordert, de zon daalt, het licht wordt warmer en de kleuren van het landschap verdiepen zich.

Via de molen bij Wenumn rijden we weer over het fietspad dat nu over de oude spoorbaan naar Vaassen en Epe loopt. Nog enkele kilometers en we zitten weer thuis, aan een verfrissend ijsje, met op de PC een fraaie serie foto's ter herinnering aan een prachtige tocht door een gebied dat ons in de tien jaar dat wij er rondstruinen, nog nooit is gaan vervelen.