
WandelMagazijn > Een Fruit-Uitje rond Tiel
De tocht
Eerste pagina van deze tocht | De foto's
26 april 2008. Voor het eerst dit jaar komt de temperatuur boven de twintig graden - en dat nog wel in het weekend! Een mooiere aanleiding voor een wandeling is bijna niet te vinden! We kiezen vandaag voor wandel- en fietsroutemaker On Track's Fruit-Uitje. Op naar de Betuwe dus!
In een overvolle trein naar Tiel. Door een nieuwbouwwijk, maar langs een mooi wandel- en fietspad, lopen we over de Culemborgse Grintweg naar de Daver, waarlangs we over de snelweg en de Betuwelijn gaan. Aan de overkant, in Kerk-Avezaath, pakken we de route op. Het dorp is al uitbundig versierd voor de komende Koninginnedag - net als alle andere plaatsen die we onderweg tegenkomen - met oranje vlaggen, deurkransen en linten. We lopen het dorp uit, langs weilanden en boerensloten en keren vervolgens met een boogje weer terug naar Kerk-Avezaath.
Door landbouwgebied rond Lutterveld. We zien wel veel fruitboomgaarden, maar nog niet of nauwelijks bloesem. Het voorjaar was erg koud en we zijn eigenlijk dus nog wat te vroeg om de fruitbomen in bloei te zien. Niet erg, want het is een mooie tocht en prachtig - zij het wat warm - weer.
Over een voetpad wandelen we langs de Erichemse Wal. Een prachtig pad tussen jonge boomaanplant en velden met paarden- en pinksterbloemen door brengt ons naar Erichem, ook al in Koninginnedag-tooi. Over de weg wandelen we naar Oranjestad Buren. Buren siert zich graag met de titel Oranjestad, want in dit stadje is Willem van Oranje in 1551 gehuwd met Anna van Egmond. Voor de kerk staat een mooi standbeeld van het paar met hun kinderen.
We bezichtigen de mooie oude binnenstad. Het is een beetje jammer van de vele auto's voor de huizen; er is eigenlijk geen historisch pand waar geen auto voor staat! Dat doet een hoop af aan de sfeer die Buren onmiskenbaar heeft, maar die de stad met al dat blik voor de deur bepaald niet uitstraalt. Bij de molen ontmoeten we een krolse kater. We komen er niet langs zonder een uitgebreide aaipartij. Koffie en appelgebak in het centrum bij het restaurant naast de kerk.
We wandelen verder naar Zoelen, eerst langs een drukke weg, later over fiets- en wandelpaden en rustige landwegen. Tussen Buren en Erichem ligt een mooi open weidegebied, De Opstal. We genieten van de boomgaarden - ook al staan ze dan nog niet echt in bloei - en de vergezichten over akkers en weilanden.
Via de Hooge Korn, De Woerd en langs melkveehouderij De Hooibeemd. Dit stuk route is bekend; we lopen op het traject van het Lingepad, dat we enkele jaren terug al eens aandeden als eenmalig Wandelpool-experiment.
Een kaarsrechte laan omzoomd met piepjonge eikebomen brengt ons naar kasteel Zoelen. We wandelen opnieuw te midden van velden met paardenbloemen, die je tegenwoordig wel als de dé lentebloem in Nederland kunt beschouwen. "Een wandeling in het prachtige bosch en rondom het fraaije kasteel wordt uit den aard der zaak bij een bezoek te Zoelen niet verzuimd. Daar zijn breede, deftige lanen, lommerrijke slingerpaden, uitgestrekte korenvelden en weiden, door het hooge hout ingesloten. Daar wassen langs de heldere slotgracht zware, gave beuken in menigte, wier gladde, grijze stammen blinken tusschen de donkere, tot in het water afhangende takken van reusachtige sparren. Daar laten slanke, regt opgaande dennen hun wijd uitgeslagen naaldkroonen wiegelen in de lucht.
Platanen en esschen, van ongewonen omvang, rijzen fier omhoog boven het digte struikgewas, waarover zij hun loofdaken beschermend uitbreiden, en de koningen onzer bosschen, de statige eiken, prijken er in al hun kracht en majesteit. Op een eiland ligt het kasteel met zijn hoogen vierkanten toren, zijn drietal ongelijke, met schoorstenen gekroonde daken en zijn brug over de gracht. Het gebouw is grijs gepleisterd en van moderne ramen met groote ruiten voorzien, zoodat het zich meer als een aanzienlijke heer en huizin ge uit den nieuweren tijd, dan als een ouderwetsche ridderburgt vertoont."
Zo mooi moet het in de tweede helft van de negentiende eeuw op het landgoed zijn geweest, als we het voorgaande relaas van de wandelende dominee Craandijk mogen geloven. De oude bomen zijn voor een groot deel verdwenen, het kasteel is gerestaureerd en gemoderniseerd, maar de natuur op het landgoed is nog steeds de moeite waard, zij het dat zij tegenwoordig een stuk jonger is dan in de tijd van Jacobus Craandijk.
Langs de kerk van Zoelen wandelen we de Molenstraat in, evenwijdig aan de rivier de Linge. Die zien we nauwelijks, want het is oppassen geblazen op de drukke weg. Waar de Daver de snelweg en Betuwelijn overbrugt, klauteren we langs het talud omhoog.
We wandelen dezelfde route terug door Tiel naar het station, waar we met een lekker ijsje wachten op de trein terug naar huis. Ondanks gebrek aan bloesem was het 'Fruit-uitje' toch weer een mooie tocht.
HetMagazijn