Het Noaberpad: van Nieuweschans naar Ter Apel, 12-15 september 2008

WandelMagazijn > Het Noaberpad: van Nieuweschans naar Ter Apel

De tocht

Inleiding | Van Nieuweschans naar Bellingwolde | Van Bellingwolde naar Harpel | Van Harpel naar Sellingen
Van Sellingen naar Ter Apel | Van Munnekemoer naar Klazienaveen | Van Klazienaveen naar Schoonebeek
Van Schoonebeek naar Hoogstede | Van Hoogstede naar Tangenberg | Van Tangenberg naar Agelo

Eerste pagina van deze tocht | De foto's
Van Schoonebeek naar Hoogstede

Zaterdag 17 oktober 2009. Geen wolkje aan de hemel! So far de weersvoorspellingen, die in de week voor onze wandelingen van dag tot dag slechter leken te worden!

Tijdens het ontbijt hebben we een gezellig gesprek met twee Friese mede-Noaberpad-lopers, die ook op dit adres logeren. We lopen ongeveer dezelfde trajecten, dus misschien komen we elkaar de komende dagen nog wel weer eens tegen.

Na het ontbijt gaan we op pad. Een smal asfaltweggetje voert het land in en al snel laten we het lawaai van auto's en landbouwverkeer op de provinciale weg die ons Schoonebeek uit leidt, achter ons.

De stilte van het platteland voelt weldadig aan. Het warme ochtendlicht van de laagstaande oktoberzon werpt een warme gloed over het landschap en zorgt voor flonkerende lichteffecten in de houtwallen en singels langs paden en wegen.

We steken de grens, het Schoonebeeker Diep, over en zetten onze eerste schreden in het geheimzinnige stukje Duitsland, ingeklemd tussen Drente en Twente, dat mij al jaren intrigeert. Het Noaberpad is een uitgelezen kans om eens kennis te maken met deze grensstreek, waar we nog nooit eerder waren.

Dat we in Duitsland zijn, is onmiddelijk te zien aan de vele buizen langs de weg. Hier wordt aardolie gewonnen. Om een bocht in de weg zien we de eerste jaknikkers staan. De olie- en gaswinning, die hier in het midden van de twintigste eeuw begon en in de jaren negentig eindigde, maakt een doorstart. Door de gestegen prijzen voor energie en nieuwe winningstechnieken is het kennelijk toch weer rendabel om hier olie en gas uit de grond te halen.

De olie-industrie laten we al snel weer achter ons. Door een rustig landbouwgebied wandelen we over een karrespoor, omzoomd met struiken en bomen. Overal klinkt vogelgefluit en horen we het geritsel van kleine dieren die, voor ons meestal onzichtbaar, in het struikgewas leven.

Langs het brede Coevorden-Piccardiekanaal, waar hoge bomen weerspiegelen in het stille water. Door de buurtschap Haselaar wandelen we richting Emlichheim. Vanuit maisvelden komt plotseling een ree tevoorschijn, kijkt ons even aan en schiet weer weg, de velden in.

In Emlichheim, waar we met een grote boog naar toe lopen om het stadse gebeuren zoveel mogelijk te omzeilen, bezichtigen we het duizend jaar oude kerkje van Bentheimer Zandsteen en drinken en eten we wat. Daarna zetten we de tocht voort langs de rivier de Vechte, de duitse naam voor de Overijsselse Vecht, die hier even buiten het stadje stroomt. Een brede stroom, omzoomd met maisvelden en koolzaadakkers die geel oplichten tussen groene bossages.

Een zandpad leidt door de akkers naar een landweg langs boerderijen - althans, zo staat het in de beschrijving. Maar we zien geen zandpad ... totdat Marjan een karrespoor door leeg akkerland ontdekt. Aan de tekentjes op bomen onderweg zien we dat dit inderdaad het bewuste pad moet zijn, alhoewel het met zo'n kale akker bijna onherkenbaar is.

Het gebied is landschappelijk fraai, de paden zijn rustig, het weer is goed. Toch is dit deel van de wandeling onaangenaam. Dat komt door verschillende groepjes jagers, die hier achter de konijnen aanzitten. Grote kerels in semi-militaire bruingroene pakken, met een stel honden voor het vuile werk, want zelf spelen de meesten van hen het niet klaar met hun dikke lijven de konijnen uit de velden te jagen ... En fanatiek dat ze zijn ... Op nog geen vijf meter naast ons slaan de kogels in. Een konijntje kijkt ons met grote ogen van schrik aan.

Woedend schreeuw ik of ze nu helemaal gek geworden zijn. En dat het gesodemieter onmiddelijk moet ophouden. Bijzonder is dat toch, dat als je maar hard genoeg roept, iedereen de Nederlandse taal verstaat. Geruime tijd wordt er niet meer geschoten. De opgeschrifte dieren rondom ons kunnen een goed heenkomen zoeken. In ieder geval een paar konijnenlevens gered ...

Door de buurtschap Kalle, een mooi gebiedje dat aan de grootschalige ruilverkavelingen van de jaren zeventig van de vorige eeuw is ontsnapt, wandelen we naar Hoogstede.

Aan de rand van het dorp ligt ons pension, gevestigd in een grote boerderij. Vanavond feest, horen we van de pensionhoudster. De meest rustige kamer dan maar, vragen we, zo ver mogelijk van de het feestgedruis vandaan.

We eten vanavond Italiaans, in de enige eetgelegenheid die het dorp rijk is: Precies, een pizzeria. Lekker, overigens. Het dorpscafé blijkt kilometers buiten het eigenlijke dorp te liggen en het enige andere café in de omgeving is inmiddels omgetoverd tot een partyservice. Zo zie je hoe zo'n dorp stukje bij beetje steeds wat minder leefbaar wordt ...

Van het feest merken we die avond nauwelijks iets. De vele muren tussen ons kamertje en de feestzaal dempen het geluid vrijwel volledig. Gelukkig maar, want ik heb wel zin in een rustige avond. We waren vroeg in Hoogstede, hebben vroeg gegeten en slapen - wat er eigenlijk thuis nooit van komt - bijna het klokje rond. Lees verder ...