Het Noaberpad: van Nieuweschans naar Ter Apel, 12-15 september 2008

WandelMagazijn > Het Noaberpad: van Nieuweschans naar Ter Apel

De tocht

Inleiding | Van Nieuweschans naar Bellingwolde | Van Bellingwolde naar Harpel | Van Harpel naar Sellingen
Van Sellingen naar Ter Apel | Van Munnekemoer naar Klazienaveen | Van Klazienaveen naar Schoonebeek
Van Schoonebeek naar Hoogstede | Van Hoogstede naar Tangenberg | Van Tangenberg naar Agelo

Eerste pagina van deze tocht | De foto's
Van Bellingwolde naar Harpel

Zaterdag 13 september 2008. Na een goede nachtrust in het stille Bellingwolde lopen we tegen half negen naar beneden voor het ontbijt. Maar behalve Ming, die ons blij miauwend tegemoet komt, is er echter nog niemand op. Hadden we nu gisteren toch maar even gevraagd hoe laat we konden ontbijten ... We hoeven niet lang te overleggen. Wachten zal lang duren en dat willen we niet, want we hebben een lange etappe voor de boeg. We laten een bericht achter met het verzoek ons een rekening te sturen, nemen afscheid van Ming en gaan op weg.

De laagstaande zon werpt lange schaduwen over de straatweg. Het belooft opnieuw een prachtige dag te worden. Na ontbijt- en lunchinkopen bij de Co-op wandelen we Bellingwoude uit en een natuurgebied met verdedigingswerken uit de Franse tijd in.

Aan de rand van een schans of redoute, zoals de Fransen de dijkversterking noemen, ontbijten we aan een picknicktafel in het groen in de warme stralen van de ochtendzon. Gras en blad gloeien in het warme licht. Behalve aan de paddestoelen en de ochtenddauw is aan niets te zien dat het al bijna herfst is. In de lange natte zomer van 2008, zonder hittegolven, heeft verdroging maar weinig kans gekregen. De gele sprieten zijn dan ook ongewoon afwezig.

We wandelen verder, slalommend om de redoutes, over de Veendijk ten zuiden van Bellingwolde. Onderweg op een bankje probeert Marjan afspraken te maken voor de komende overnachtingen. Dat valt nog niet mee. Lukte het gisteren al niet om een pensionnetje te vinden en moesten we in een hotel, nu zijn er zelfs geen hotels meer op het volgende traject. De pensionnetjes zijn vol, gesloten, of de telefoon wordt niet opgenomen. Na veel moeite lukt het een afspraak te maken in Stadskanaal, ver van de route. Daar moeten we dan wel vanaf ons eindpunt vandaag met de bus heen. Het is niet anders.

Waarom maken we nu pas afspraken over de overnachtingen? Dat komt door het onbestendige weer de afgelopen week. Het was totaal onduidelijk of de zon zou schijnen of dat het zou stortregenen. En ach, uiteindelijk lukt het op de dag zelf afspraken te maken, als gaat het allemaal wel moeizaam. Tja, je bent met mooi weer in Nederland niet de enige die er op uit trekt ...

Onderweg worden we aangehouden door automobilisten. "Doen jullie onze wandeltocht?", vragen ze, zichzelf direct corrigerend als ze het routeboekje van het Noaberpad in Marjan's handen zien. Een lokale wandelvereniging heeft voor vandaag in de omgeving een tocht uitgezet. We ontmoeten de organisatoren even later in het dorpshuis van Rhenerbrug. Marjan heeft trek in koffie, kijkt of het dorpshuis open is en valt midden in de inschrijving voor de wandeltocht. En natuurlijk hoort daar koffie, en taart, bij! We zijn van harte welkom voor een drankje en een gezellig praatje met de oprichter van de Blijhamse wandelvereniging De Blije Wandelaars.

Verder. Bij het Veendiep slaan we af, langs het water en langs de plassen in dit gebied. Na het graspad volgt een grasdijk langs de Westerwoldse Aa die ten zuiden van Bellingwolde stroomt. Vanaf de dijk kunnen we genieten van de geweldige uitzichten op de uitgestrekte akkerlanden en kleipolders. Enkele kilometers wandelen we zo voort over de dijk temidden van het weidse Groningse landschap. Aan de ene kant vette klei-akkers omzoomd met wilgen langs het weggetje langs de dijk. Aan de andere kant groene weiden, zover het oog ziet. Na verloop van tijd maken de akkers plaats voor natuur.

De graslanden langs de Westerwoldse Aa zijn al eeuwenoud. Vroeger waren het erg vochtige hooianden. Nu behoort het merendeel van het natuurgebied De Gaast, dat we nu binnenwandelen, tot het boezemgebied van de Westerwoldse Aa tijdens hoge waterstanden. Het kan dus zomaar gebeuren dat het gebied onder water staat. In de graslanden met sloten met flauw oplopende taluds, rijk aan moerasvegetatie, rietkragen en wilgenbosjes, komen tal van broedvogels voor.

Een stukje asfalt leidt naar een voetpad langs de Westerwoldse Aa, dat in enkele bochten naar het Weddermeer cirkelt. Rond het Weddermeer zijn tal van campings en bungalowparken waar het ongetwijfeld goed toeven is voor vakantiegangers maar waar de wandelaar, door het uitgebreide netwerk van paden en paadjes én de nogal spaarzame bewegwijzering van het Noaberpad, nog wel eens de weg kwijtraakt. Maar met enig zoeken vinden we die wel weer terug.

We vervolgen het Noaberpad naar Wedde over een fraaie oude bomendijk. In Wedde proberen we de nummers op de bordjes bij de bushalte te bellen. Niemand neemt op. Even verderop vertelt een inwoner van Wedde ons dat wat er op die bordjes staat niet werkt. "In het weekeinde is er in Oost-Groningen gewoon geen openbaar vervoer - laat u niet op het verkeerde been zetten!"

Oei. De bus die in Wedde komt, is dezelfde die wij hadden willen nemen naar Stadskanaal aan het eind van onze dagetappe. Dat wordt dus een probleem ... Marjan belt nog even voor alle zekerheid met het theehuis van Natuurmonumenten in Smeerling, bij onze opstaphalte daar. "U heeft dubbel pech, want de bushalte is verwijderd vanwege wegwerkzaamheden", laat de uitbater van het theehuis haar horen.

Nu weten we het even niet meer. we wandelen Wedde uit. Op het stille pad langs de rivier de Ruiten Aa die wordt gehermeanderd (meer hierover) zetten we alles nog eens rustig op een rij. Overnachten in Stadskanaal lijkt een probleem te worden. Zijn er toch niet nog andere mogelijkheden? Helemaal onderop de routekaart staat nog een overnachtingsadres dat we nog niet hebben gebeld, de Elizabeth-Hof. Het is wel een stuk verder lopen dan gepland, maar we voelen ons allebei fit en zien niet op tegen een uurtje langer wandelen dan voorzien.

Marjan draait het nummer en tegen alle verwachting in: ja, er is plaats en zelfs: als we willen, kunnen we mee-eten. Dat bespaart ons een zoektocht naar een restaurant in Vlagtwedde (en nog eens vijf extra kilometers). Het adres in Stadskanaal bellen we af. Misschien niet heel netjes, maar nood breekt wetten. Gelukkig heeft de pensionhouder alle begrip voor de situatie.

Over het mooie pad langs de Ruiten Aa wandelen we in de richting van Smeerling. Langs een antiekwinkel, een grote boerenschuur tjokvol spullen. Jammer dat we geen tijd hebben om langer rond te neuzen, maar we hebben nu een deadline: om zeven uur wordt in de Elizabeth-Hof het eten op tafel gezet.

Het theehuis in Smeerling, waar we net mee belden, is nog open en een mooie pauzeplek voordat we het laatste stukje naar Harpel, waar de Elizabeth-Hof ligt, lopen. Het is heerlijk zitten in de fraaie theetuin, waar de zon nog net even tussen de bomen doorkomt. We hebben een uitgebreide conversatie met de uitbater van het theehuis, zelf ook 'import', die onze indrukken van de streek helemaal onderschrijft. "Een verademing, die rust en ruimte die de natuur hier biedt en de rust en ruimte die de mensen in Oost-Groningen zichzelf en anderen geven." Hij heeft zijn plekje gevonden.

Over asfalt wandelen we langs een natuurgebied naar de lange klinkerweg die naar het gehucht Harpel leidt. Het overnachtingsadres paste niet meer op de kaart en we weten eigenlijk niet precies hoe ver het nog is. De huizen staan hier ver uit elkaar langs de weg. Bij ieder adres zoeken we naar een bordje. Pas na een bocht en ruim twee kilometer verder zien we dat opdoemen. De heer des huizes en de hond staan al op straat naar ons uit te kijken.

We worden gastvrij ontvangen en hebben nog net even tijd om ons op te frissen voor het eten. Er zijn nog twee gasten, twee meisjes uit Groningen die ook het Noaberpad lopen, maar dan niet de nieuwe derde editie van het pad die wij wandelen, maar een oudere versie - een uitdaging dus, want ook in het Oost-Groningse blijft niet alles bij het oude!

Na 34 kilometer wandelen en meer getelefoneer dan een normaal zelfredzaam mens in een jaar doet, is het goed rusten. Na de maaltijd en een bezichtiging van de fraaie tuin vallen we als een blok in slaap. Lees verder ...