
ReisMagazijn > Algerije - Hoggar en Tassili n'Ajjer
De reis
Vooraf | In etappes naar het zuiden |
1, Van Brussel naar Algiers |
2, In Algiers - Aankomst in Tamanrasset |
3, De karavaan gaat op weg |
4, De karavaan gaat voort |
5, De karavaan trekt verder |
6, De karavaan trekt de bergen in |
7, De karavaan neemt afscheid |
8, Tamanrasset |
9, Lekke band in de woestijn |
10, Wereldbol in de woestijn |
11, Regen in de woestijn |
12, Zandstorm in de woestijn |
13, Fata morgana in de woestijn |
14, Oleanders in de woestijn |
15, Orkaan in de woestijn |
16, Beklimming in de woestijn |
17, Djanet |
Naschrift
Eerste pagina van deze reis | De foto's
1, Van Brussel naar Algiers | 2, In Algiers - Aankomst in Tamanrasset |
3, De karavaan gaat op weg | 4, De karavaan gaat voort | 5, De karavaan trekt verder |
6, De karavaan trekt de bergen in | 7, De karavaan neemt afscheid | 8, Tamanrasset |
9, Lekke band in de woestijn | 10, Wereldbol in de woestijn | 11, Regen in de woestijn |
12, Zandstorm in de woestijn | 13, Fata morgana in de woestijn |
14, Oleanders in de woestijn | 15, Orkaan in de woestijn | 16, Beklimming in de woestijn |
17, Djanet | Naschrift
Eerste pagina van deze reis | De foto's
10, Wereldbol in de woestijn
Dag 10, zondag 22 april 2007. Ondanks de warme nacht hebben Marjan en ik prima geslapen. Ik in de tent, Marjan ernaast - "lekker buiten", zegt ze. De slaapzak heb ik niet nodig gehad; pas vanochtend vroeg, op het koudste moment van de dag, heb ik even het laken over mij heen getrokken. Niet dat het echt koud was. Onder de twintig graden is de temperatuur niet geweest. het blijkt weer dat je ook aan meer extreme weersomstandigheden heel snel kunt wennen.
Terwijl de kok en de chauffeurs het kamp opbreken, maken wij nog een wandeling in deze bijzondere omgeving. We dalen langs de graat het hoge zandduin af waarop de landrovers geparkeerd staan en volgen dan een smal pad dat ons via een smalle rotsspleet naar een hoger gelegen rotsplateau leidt. We zigzaggen omhoog en komen uiteindelijk op een kleine hoogvlakte. Temidden van de kale steenwoestenij wijst Mohammed ons op een gladde plek. Het is een molensteen. Er omheen liggen enkele postscherven; tekenen van vroegere bewoning in dit nu zo desolate gebied. Eeuwen geleden, toen de Sahara nog groen was, moet het hier prachtig zijn geweest. Voor mijn geestesoog ontvouwt zich een panorama met wilde dieren, brede rivieren en meren en weelderig begroeide bergketens.
Sommige rotsen in het massief hebben door toedoen van winderosie de meest fantastische vcormen aangenomen. We verlaten via een zandduin het rotsplateau en komen op een richel vanwaar we vrij uitzicht hebben over de uitlopers van de rotsrug en de woestijn. Daar, op een sokkel, staat ... een wereldbol?! Het is een rotsblok, kogelrond geslepen door de wind, met een frappante gelijkenis met onze globe. Een bijzonder verschijnsel dat op het eerste gezicht een fata morgana lijkt.
Ondanks het vroege uur is de temperatuur al weer opgelopen tot boven de 30 graden, al voelt het nog koel aan vergeleken met de hitte van gisteren. Die hitte begint trouwens z'n tol te eisen. Verschillende reisgenoten voelen zich niet helemaal lekker.
In de verte komen de landrovers aan. Dwars door het zand, met ronkende motoren, grote stofwolken achter zich latend. 't Lijkt Parijs-Dakar wel, zoals ze daar aan komen scheuren.
We rijden door de woestijn. Na enige tijd draaien de auto's af. We bevinden ons in een glooiend landschap met zand, rotsen en kwartsgesteente dat glimt in het zonlicht. Weer en wind zijn hier aan het beeldhouwen geweest. We maken een korte wandeling langs merkwaardige paddestoelvormige rotsen en nemen een kijkje in een van onderuit uitgeslepen rots. Een kathedraal van steen die ook op vroegere Saharabewoners indruk moet hebben gemaakt. Dat blijkt wel uit de grote rotstekening die hier - helaas nog maar vaag - zichtbaar is.
Rotstekeningen. We hebben er intussen al verschillende gezien, van prachtige mooi bewaard gebleven voorstellingen van mensen en dieren tot vervaagde resten die je als leek niet eens als tekening zou herkennen. Op een enkele plaats kwamen we, zoals zonet, ook andere, zeldzame, sporen tegen van vroegere bewoning.
Hoewel vandaag de dag de Sahara een grote woestijn is - de grootste op aarde - was die dat niet altijd. Tijdens het Pleistoceen en het Holoceen, elfduizend jaar geleden, bestond de Sahara nog voor het grootste deel uit savanne en er leefden dan ook veel plantensoorten. In deze perioden konden mensen zich goed handhaven in deze gebieden als verzamelaar en jager. Vermoedelijk leefden de olifanten, bavianen, giraffen en katachtigen nog tot in de Steentijd, enkele duizenden jaren voor de jaartelling, in het gebied dat tegenwoordig de Sahara heet, en tot een miljoen jaar terug waren er nog planten terug te vinden die we tegenwoordig alleen in natte, vochtige gebieden aantreffen of zelfs in de tropen.
In de Sahara zijn nog resten terug te vinden van diverse menselijke rassen, zoals de Homo Habilis en de Homo Australiphithecus. In de huidige Sahara kunnen dan ook tot wel twee miljoen jaar oude stenen werktuigen worden aangetroffen. We zagen er vanochtend een glimp van op het rotsplateau.
Met de verschillende ijstijden veranderde het klimaat, met name de neerslag, en daarmee ook de begroeiing. Langzaamaan kreeg de Sahara het uiterlijk dat tegenwoordig kan worden aangetroffen in de Franse Provence, en nog later verdroogde het gebied tot de woestijn die we tegenwoordig kennen.
Het is ondertussen halverwege de ochtend en zinderend heet. De temperatuur van de harde wind is zo mogelijk nog hoger dan die van de omgeving. 45 graden wijst de thermometer. Het voelt alsof je je hoofd in een oven stopt. Gelukkig kunnen Marjan en ik er goed tegen. En in de auto is het, merkwaardig maar prettig, nog net even iets minder warm dan daarbuiten.
We gaan weer een stuk rijden. De verspreide rotsen maken plaats voor een zandwoestijn met duinen en enkele verspreide bergruggen van grillige roodachtige steen. We houden halt bij een bijzondere formatie, een oranje-okerkleurig duin van ruim honderd meter hoog, dat wordt omarmd door een heuvelrug, bezaaid met grillige vormen en pieken. De kleur knalt eruit in het verder lichtgeel-grijze landschap. We wandelen langs een kleinere rots, die sprekend op een olifant lijkt en beginnen aan de beklimming van het duin.
Dat lijkt makkelijker dan het is. Marianne haakt al spoedig af. Ze vindt het veel te warm voor zo'n beklimming en wandelt op haar gemak terug naar de auto's, die onderaan een rotswand staan geparkeerd. Daar is Mubarak al bezig met het bereiden van het middagmaal.
Het is heet, het zand is mul, de helling steil. Puffend sjokken we langzaam over de graat omhoog, achter Mohammed aan, die nergens last van lijkt te hebben. "Een wandeling van een uurtje", had onze gids gezegd. Maar niet bij deze temperatuur. Het is eigenlijk veel te heet om je zo in te spannen. Halverwege de duinhelling beginnen reisgenoten te protesteren. Maar ja, dan is het eigenlijk al te laat om terug te keren. Verder dus maar. Met veel moeite, gemopper en zweetdruppels komen we boven. Het uitzicht is prachtig - zie ik later op de gemaakte foto's. Op het moment ben ik meer bezig met op adem te komen en m'n lichaamstemperatuur te reguleren dan met het indrukwekkende landschap.
Mohammed lacht een beetje en snapt eigenlijk niet goed waarover wij het nu eigenlijk hebben. In de Sahara is het toch wel vaker heet?! Om ons moed in te spreken, wijst hij op de terugtocht omlaag. "Een heel kort tochtje", zegt hij - maar wel enorm steil omlaag en slalommend tussen scherpe rotsen.
Het ziet er nogal ontmoedigend uit van bovenaf. Maar eenmaal op weg omlaag blijkt het allemaal wel mee te vallen. Het mulle zand waaruit het pad bestaat en waarmee we bij de beklimming zoveel moeite hadden, werkt nu in ons voordeel. Je kunt je er makkelijk in schrap zetten bij het afdalen. Wel voelen we, dwars door onze bergschoenen heen, hoe heet het zand is. Aanraken kun je maar beter even niet doen.
Om twaalf uur zijn we terug bij de beschaduwde rotswand, waar de matrasjes al voor ons klaarliggen. Eten. Hoe warmer het is, hoe meer energie je nodig hebt. Het is verwonderlijk hoe het Mubarak lukt om zijn salades niet alleen overheerlijk, maar ook nog eens koel te laten zijn. Op mijn vragen lacht hij een beetje, maar geeft zijn keukengeheimen niet prijs.
Er ontstaat een hele discussie over het watergebruik. Zoals we allemaal van te voren wisten, is dat aan een limiet gebonden, omdat je nu eenmaal met drie auto's geen onbeperkte voorraden kunt meeslepen. Toch vinden sommigen - veelal onder invloed van de rare Nederlandse gewoonte van de laatste jaren om de hele dag maar door te drinken - dat de beschikbare anderhalve liter per dag beslist te weinig is.
Ik kom met die anderhalve liter eigenlijk niks te kort en hoor het allemaal met verbazing aan. Pas als sommigen menen net zoveel te mogen drinken tot hun dorst over is - en dus veel meer dan hun eigen rantsoen willen gebruiken - maak ik een opmerking. Eerlijk delen is eerlijk delen ... Reisbegeleidster Liesbeth ontgaat de discussie. Ze voelt zich niet lekker en ligt wat verderop op een matrasje te slapen. Misschien maar beter ook.
Siësta. Om een bocht kunnen we een stukje omhoog klimmen naar enkele beschaduwde richels in de rotswand. Waar anders vogels nestelen, liggen wij nu te soezen, stil, heerlijk in de schaduw. Een zacht windje strijkt langs de rotsen en laat het laagje zweet op onze huid verdampen. Zo is het goed uit te houden.
Vertrek. Het begint al weer een heel klein beetje af te koelen. Uitgerust klauteren we omlaag naar de auto's. Pas nu bekijk ik de rotswand wat beter. Ook hier zijn rotstekeningen te bewonderen, van bijna levensgrote giraffen en een kudde koeien.
De lunchplek was mooi, maar niet makkelijk te bereiken. Dat merkten we niet, omdat wij het zandduin beklommen. Maar nu zien wij hoe moeizaam de chauffeurs moeten manoeuvreren om de auto's heelhuids van de losse rotsen weer op de piste te krijgen. Petje af voor hun sturrmanskunsten!
Vanmiddag heb ik een plaatsje voorin de landrover. De meest comfortabele plek met het mooiste uitzicht. Het is drie uur, de ergste hitte is voorbij, we gaan weer op pad. Met veel moeite zoeken de landrovers zich een weg van het plateau waar we lunchten terug naar de piste. De rotsige, geaccidenteerde ondergrond is zelfs met een 4x4 maar nauwelijks berijdbaar.
Door het warme woestijnzand. We rijden door kale vlakten. De rit wordt twee keer onderbroken door een stop bij monumenten uit de oudheid: een eeuwenoude zonnecirkel van stenen en een rotsmassief, aan de voet waarvan enkele graven zijn blootgelegd door wind en weer. Met enige moeite kunnen we tussen steen en zand de versteende skeletten ontwaren.
Het is nog steeds warm. Bij het rotsmassief houden we een langere pauze, terwijl een van de wagens naar een nabij gelegen bron rijdt om de watervoorraden aan te vullen. Bij terugkomst krijgen we allemaal een verfrissende waterdouche. Hoe je kunt opfrissen van twee kopjes water over je hoofd!
Rond half zes arriveren we op onze volgende overnachtingsplaats, in het zand aan de voet van grillige rotsformaties. Eind van een lange, warme dag. Lees verder ...
De informatie over de geschiedenis van de Sahara is afkomstig uit de Wikipedia.
HetMagazijn