De Hebriden: The Man with One Arm, 10-23 augustus 2002

ReisMagazijn > De Hebriden: The Man with One Arm

De reis

Vooraf | Het doedelzaktoernooi | Naar Skye | Het eiland rond | De MacLeod's Tables in de Quirang |
Een ongeluk zit in een klein steentje ... eh, hoekje | We ronden Loch Plockrapool |
Over Lewis en Harris | Leverburgh | Een tropisch eiland in de Noordatlantische Oceaan |
Tarbert | De moorlands van Scalpay | Terugreis

Eerste pagina van deze reis | De foto's
Tarbert

Dag elf, dinsdag 20 augustus 2002. Vandaag is het weer zo mogelijk nog mooier dan gisteren. Na een snel ontbijt stappen we op de bus. We rijden de westelijke route naar onze volgende overnachtingsplaats Tarbert. Op de heenreis naar Leverburgh reden we langs de oostelijke kant van Harris, zodat we met onze busrit van vandaag langs Northon en Luskantyre een kleine rondreis over het eiland voltooien.

We genieten in de vrijwel lege lijnbus van de prachtige uitzichten op groen grasland en glooiende hellingen; een heel ander landschap dan dat van de rotsen en de bays aan de oostkust van Harris.

In Tarbert, de grootste plaats op het eiland, vragen we de weg naar ons b&b Tigh na Mara. Het pension is gevestigd in een groot vrijstaand huis op een heuvel ten oosten van de haven. Onze gastvrouw Flora Morrison heet ons hartelijk welkom en leidt ons naar een ruime kamer met prachtig uitzicht op het Eastern Loch. Bagage uitpakken, koffie, een praatje met Flora.

Daarna een wandeling door Tarbert. Tarbert is voor hier weliswaar een grotere plaats, maar erg veel te zien en te doen is er niet. Langs de haven is het stil - alleen de veerboot brengt wat vertier. Bij de bedrijven op de kade zitten mannen in het zonnetje te genieten van het mooie weer.

Tarbert heeft een paar kleine winkels, een supermarktje en een hotel - het Harris Hotel and Pub. Daar gaan we vanavond eten.

De moorlands van Scalpay

Het is nog vroeg genoeg voor een uitstapje naar de moorlands van Scalpay. De dienstregeling van de bus sluit mooi aan en zo rijden we oostwaarts naar Scalpay Village. In de stralende zon wandelen we door het welvarende dorp met z'n mooie huizen. Het landschap is hier heuvelachtiger, begroeider, kortom wat lieflijker dan dat rond Scadabay. Onderweg lunch, langs de kant van de weg.

Via een met schapekeutels bezaaid pad en twee grote hekken wandelen we over een gravelweggetje naar de moorlands. In de verte zien we de oude vuurtoren van Scalpay, zowel baken als doel van onze wandeling.

Een apart landschap, deze moorlands, een heuvelachtig gebied met verende turf en heide. Langs de route staan witte palen om er voor te zorgen dat we op het goede pad blijven. Grote delen van het moorland zijn onbetrouwbaar en om nu de vakantie op de Hebriden als veenlijk te eindigen - daar voelen we weinig voor! Van paal naar paal zoeken we onze weg over smalle paadjes, soms in de meer zompige stukken springend van heidepol naar heidepol. Ondanks mijn arm in de mitella gaat het me redelijk goed af.

De vuurtoren is oud en verlaten. De tand des tijds knaagt, dat is duidelijk zichtbaar. En wat ook knaagt, is de kudde schapen rond de toren, die nieuwsgierig op ons af komt. Hebben wij niet iets te eten voor ze? Onze meegenomen appeltjes zijn in no time op. We dwalen rond de oude gebouwen en kijken uit over een staalblauwe zee. Het felle zonlicht reflecteert in de golven. Als we ons van de zee afwenden, zien we sterretjes.

Nu we de route eenmaal kennen, gaat de terugtocht een stuk sneller. In Scalpay Village tracteren we onszelf op een ijsje bij de minimarket. Het is tenslotte zomer, ook al zitten we hoog in het noorden.

Het duurt nog een tijd tot de bus komt. Wachten hoeft echter niet, want een vriendelijke passant biedt ons een lift naar Tarbert aan. In de tuin van ons b&b genieten we van de zon, de kat des huizes en een biertje.

In het hotel kunnen we kiezen tussen een restaurant of pub grub. Het laatste is lekker genoeg voor ons. We smullen van de haddock en chips. In de schemering wandelen we terug naar Tigh na Mara.

Terugreis

Dag twaalf, woensdag 21 augustus 2002. De terugreis begint. Mr. Morrison is zo vriendelijk om ons met de bagage naar de pier te rijden. Dat is wel zo handig voor Marjan. Ik heb niet al te veel last van mijn arm en schouder maar een rugzak dragen, dat lukt nog niet. Met de veerboot varen we naar Uig op Skye.

Met de bus rijden we over Skye en via de brug naar het vasteland van Schotland. Een lange maar mooie rit brengt ons naar Fort William. Ons pension is een mooi oud gebouw op een steile heuvel, even buiten het centrum. Prachtige bloembakken met bloeiende geraniums. Het huis is stijlvol ingericht - met een vleugel in de eetkamer en talloze olifanten verspreid door het pand.

We maken een wandeling door Fort William, een echte toeristenstad, uitvalsbasis voor verschillende lange afstands wandelpaden en natuurlijk voor de beklimming van de Ben Nevis, de beroemde berg ... Van de door ons voorgenomen beklimming kan door mijn ongelukje niets komen. In plaats daarvan besluiten we morgen naar Inverness te gaan.

Dag dertien, donderdag 22 augustus 2002. Na een vroeg ontbijt in de mooie eetzaal van ons b&b reizen we per bus naar Inverness. Een ander groepje in het b&b gaat de Ben Nevis beklimmen. Ik bied ze onze kaart aan. Aanpakken, adviseert onze gastheer - niet gespeend van humor - hen. "It makes you look good on the trail".

Het is een mooie tocht langs lochs en glens en bens naar het 65 mijlen noordelijker gelegen Inverness. We zijn er al om elf uur. Inverness is een mooie oude stad waar veel te zien en te doen is. We brengen veel tijd door in de winkelstraten en wandelend langs de oude monumenten. Inverness heeft een prachtige tweedehands boekenzaak, waar we de tijd uit het oog verliezen. Aan het begin van de avond bussen we terug naar Fort William, waar we nog een korte avondwandeling maken voordat we de dag besluiten.

Dag veertien, vrijdag 23 augustus 2002. De laatste vakantiedag alweer. Met de trein reizen we naar Glasgow, van waar we met EasyJet terugvliegen naar Amsterdam. De reis verloopt rustig en gladjes en in de middag zitten we al weer thuis op de bank met een tevreden poes tussen ons in. Onze lieve Pjuh is net zo blij ons weer te zien als wij hem.

Ondanks mijn ongeluk is onze reis naar de Hebriden een geslaagde tocht. We hebben genoten van de indrukwekkende landschappen, de vriendelijke mensen, de schone lucht en de leegte. Er zijn nog heel wat plekken op de Hebriden die we nog niet gezien hebben - en onze reis smaakt naar meer. Het duurt dan ook niet lang of de reisgidsen komen alweer op tafel! Of een volgende reis opnieuw naar de Westelijke Eilanden zal voeren? De tijd zal het leren ...