Ierland: The Complete Wicklow Way, 23 augustus - 4 september 1990

ReisMagazijn > Ierland - The Complete Wicklow Way

De reis

Vooraf | Naar Dublin en Bunclody
De Wicklow Way van Clonegal naar de Junction for Raheenakitt
De Wicklow Way van de Junction for Raheenakitt naar Ballycumber
De Wicklow Way van Bridgeland naar de Iron Bridge
Naar Arklow
De Wicklow Way van de Iron Bridge naar Drumgoff
De Wicklow Way van Drumgoff naar Glendalough
Glendalough Valley
De Wicklow Way van Glendalough naar Lough Tay
De Wicklow Way van Lough Tay naar Knockree
Een wandeling door Powerscourt | De beklimming van de Great Sugar Loaf | Het strand van Bray
De Wicklow Way van Knockree naar Marlay Park
Naar Dublin

Eerste pagina van deze reis | De foto's
De Wicklow Way van de Junction for Raheenakitt naar Ballycumber

Derde dag, zaterdag 25 augustus 1990. We vertrekken vandaag een stuk later dan gisteren, een gevolg van het besluit om vandaag in één groep te wandelen. Gepakt en gezakt - in verband met de verplaatsing naar Aughrim - verzamelen we bij het busje, dat ons in twee ritten naar het startpunt voor vandaag brengt.

Het weer, aanvankelijk heiig en bewolkt, klaart tijdens deze voorbereidingen langzaam op. Op het punt van vertrek aangekomen, is het stralend weer. Door deze gunstige weersomslag ziet het eerste uur van de wandeling de omgeving, die ons van gisteren al bekend was, er toch heel anders uit. Behalve het zonlicht dat alles om ons heen er net iets vrolijker uit laat zien, kunnen we nu ook genieten van de mooie uitzichten. Nu pas wordt duidelijk waarom hier op de kaart verschillende uitkijkpunten staan aangegeven.

Al vanaf het begin wordt duidelijk dat het wandelen in een grote groep geen succes is. Al bij de eerste rustpauze, bij het dorpje Kliquiggin, vormt zich een kleine voorhoede: Marjan en Theo. De rest volgt in een langzamer tempo; Jeanet en Dick hebben wat problemen met lopen. Voor ik er goed en wel erg in heb, zijn Marjan en Theo al uit het gezicht verdwenen. Als het tempo nog verder afzakt, loop ik samen met Anja vooruit.

Onze tocht voert over asfalt, een smalle slingerende weg omzoomd met muurtjes van steen, overwoekerd door bramen en hier en daar wat bomen en struiken. Tussen het struikgewas door hebben we een schitterend gezicht op een uitgestrekte vallei met kleine nederzettingen, omgeven door een lappendeken van weiden en landbouwgrond. Noordwaarts verrijst in blauwe verten een nieuwe bergrug. Tijdens dit stuk van de wandeling is er gelegenheid te over om wat nader kennis te maken met Anja, een vriendelijke verpleegkundige uit Venray.

Na de tocht langs de vallei maken we een draai naar het westen en bereiken een klein gehuchtje, Mullinacuff, waar de rest ons weer inhaalt.

Terwijl onze routekaartje op zich best duidelijk is, lopen we vanaf dit punt faliekant verkeerd - overleggen over de route wordt er in zo'n grote groep niet gemakkelijker op, dat blijkt ook hier weer. We lopen in de richting van een plaatsje met de onwaarschijnlijke naam Knockatomcoyle. Zeker een uur verliezen we hier, op een langzaam stijgende weg, terwijl de lucht langzamerhand weer dichttrekt.

Het vragen naar de goede weg, overleggen, nog eens overleggen en opnieuw vragen neemt me veel te veel tijd in beslag. Ik besluit dan maar alleen verder te gaan naar de afgesproken lunchplek. Het tempo in ons groepje is er helemaal uit en m'n maag begint te knorren. Nadat ik een stukje vooruit ben gelopen komt Anja me achterop en samen lopen we in een flink tempo verder. Terug bij Mullinacuff vinden we al snel de juiste route.

De weg voert langs de flank van de Muskeagh, ook wel Four Bounds Hill genoemd omdat op de top de grenzen van vier Townlands samenkomen. Over een bospad gaat de route verder omhoog. Hier is weer slecht gemarkeerd. Enige tijd aarzelen we over de te kiezen route. Het paaltje wijst ons in een andere richting dan het routekaartje in The Complete Wicklow Way. Met meer geluk dan wijsheid kiezen we - zo blijkt later - voor de juiste weg. Die voert ons langs de zoom van een dennenbos nog verder omhoog tot halverwege de top van de Muskeagh, vanwaar we een mooi uitzicht hebben op de vlakte met het plaatsje Gurrick en naar het noordoosten Bridgeland.

De helling boven ons is bedekt met dicht bos. We lopen over een niet altijd even gemakkelijk begaanbare boreen. Op een gegeven moment wordt ons de weg versperd door het lijk van een schaap, waar de vliegen in groten getale omheen zwermen. Bij een boerderij maakt het pad een vreemde kronkel. Later hoor ik van Marjan, dat de bewoners van de boerderij meestal de passanten op hun erf zien verschijnen - die route ligt namelijk meer voor de hand en is beter onderhouden dan het doorgaande pad.

Theo en Marjan maken bij de boerderij melding van het dode schaap, dat echter al was gesignaleerd. "Dropsy", is de veelzeggende benaming van de ziekte waaraan het dier volgens de boerin overleed. Een paar hekken verder op de boreen zien we onder wat struiken nog een schaap liggen dat er niet zo best aan toe is. 't Is kennelijk een of ander virus dat hier heeft toegeslagen.

We zijn inmiddels op een open stuk heuvel aangekomen. Boven ons een kaal stuk grasland tot aan de top waar we met moeite de sporen van een oude boerderij kunnen ontdekken - ruïne is hiervoor al een te mooi woord. Beneden ons liggen weilanden met schapen en koeien en in de verte, voor ons, kunnen we de huisjes van Bridgeland ontwaren.

Wat verderop graast een stel koeien op de kale helling. Aan het eind van een recht stuk boreen staat een jong beest, al grazend op het pad terechtgekomen, ons glazig aan. Terwijl we dichterbij komen wint angst het van nieuwsgierigheid en met onverwachte snelheid schiet het dier omhoog, achter wat lage struiken, terug naar de kudde.

Het laatste stuk van dit pad is, zoals Roland al aangaf, compleet dichtgegroeid met bramen en brandnetels. Er omheen dus. Via een stukje weiland en enkele hekken komen we op een smalle toegangsweg tot een geïsoleerde boerderij, die wat verderop uitkomt op de asfaltweg naar Bridgeland. Een klein, fel keffend boerderijhondje doet ons uitgeleide op dit laatste stukje wandeling.

Diep beneden ons kunnen we nu het afgesproken punt voor de lunch zien: de Wooden Bridge over de Derry River. Marjan, Theo en Roland zitten er al op hun gemak op ons te wachten. Nog een klein stukje over de autoweg en onze wandeling voor vandaag is ten einde.

Het is inmiddels al ver in de middag en het zal nog wel enige tijd duren voor de anderen hier arriveren. Het vanochtend afgesproken eindpunt is geen haalbare kaart meer. Niemand van ons vindt dat overigens een probleem; de wandeling is lang genoeg geweest door al het gedwaal en gezoek naar de juiste route.

Een klein uurtje na ons arriveert de rest van de groep en na een stevige maaltijd - gelukkig is er voldoende eten ingeslagen - gaat het in twee gedeelten naar ons nieuwe adres in Aughrim. Indeling van kamers etcetera gaat snel en soepel.

Voor het eten kunnen Marjan en ik nog even douchen en het dorpje bekijken. De voornaamste bebouwing, winkels, kerk en ook ons hotel, The Meath Arms, staat langs de smalle dorpsstraat, evenwijdig aan de rivier de Aughrim. Bij de brug over de rivier staat een tweede hotel - vanuit onze kamer hebben we daar een mooi uitzicht op. Naar weerszijden, omlaag naar de rivier en vrij steil omhoog, op de hellingen van de Shecanabeg, bevinden zich de woonhuizen van Aughrim. Na een kort wandelingetje, waarbij we een bezoek brengen aan de kerk, is het tijd voor de avondmaaltijd - en een prima verzorgde zelfs: meloen als voorafje, dan lekkere zalm met salade en als toetje appelgebak met custard. Heerlijk!

Na het eten volgt een lange en moeizame vergadering, wat aarzelend geleid door Roland, over de begintijden van de wandeling, de transportproblemen door het eigenlijk te kleine busje waardoor verdeling in twee groepen onvermijdelijk is - Kortom, een enorm gedoe met eindeloze discussies tussen vriendelijke maar niet heel flexibele mensen.

Na lang praten komen we toch nog tot wat besluiten. Nog het minst problemen geeft het voorstel van Roland om de eerste rustdag in Arklow een dag te verschuiven en morgen gewoon te gaan wandelen. We delen de groep weer in tweeën en stellen de vertrektijden wat vroeger. Ik ben opgelucht als de zitting wordt opgeheven. Met een paar mensen lopen we naar het andere hotel, waar we aan de bar nog iets drinken. Daarna naar bed. Lees verder ...