
ReisMagazijn > Een rondreis door Algerije
De reis
Vooraf | Verhuizing |
Op weg naar Algerije |
In Algiers | De ruïnes van Tipasa |
In Oran |
Tlemcen
Zandduinen, rotstekeningen en oases |
Langs de Marokkaanse grens | Sleeën in de woestijn
Ontdekkingstocht in Timimoun | Het kerkje van pater De Foucauld |
In de M'Zab-vallei
Door de woestijn naar Touggourt |
Wandeling door de zandduinen | De markt van El Oued
Door het Aures-gebergte | De Romeinse ruïnes van Timgad |
Constantine | De ruïnes van Djemila
Het Lunapark van Setif |
De Apenkloof | Wandeling door Bejaja | Terug naar Zeralda
Vakantie in Sidi Fredj |
Terug naar Nederland |
Naschrift
Eerste pagina van deze reis | De foto's
Zandduinen, rotstekeningen en oases | Langs de Marokkaanse grens | Sleeën in de woestijn
Ontdekkingstocht in Timimoun | Het kerkje van pater De Foucauld | In de M'Zab-vallei
Door de woestijn naar Touggourt | Wandeling door de zandduinen | De markt van El Oued
Door het Aures-gebergte | De Romeinse ruïnes van Timgad | Constantine | De ruïnes van Djemila
Het Lunapark van Setif | De Apenkloof | Wandeling door Bejaja | Terug naar Zeralda
Vakantie in Sidi Fredj | Terug naar Nederland | Naschrift
Eerste pagina van deze reis | De foto's
Wandeling door de zandduinen
Woensdag 3 januari 1990. Het reisschema wordt iets veranderd. We reizen vandaag door tot Biskra.
In de vroege ochtend voor het ontbijt wandel ik door een doolhof van gangen en hofjes naar de grote toren, die ons hotel rijk is. Vanaf de top heb ik een prachtig uitzicht op Touggourt, terwijl de hemel in het oosten zich paars en rood kleurt in afwachting van de nog net onder de horizon staande zon.
Aan mijn linkerhand liggen de uitgestrekte palmentuinen van de stad. Rechts een deel van Touggourt waar heel veel moskeeën staan. Een woud van minaretten torent boven de lemen huizen met platte daken uit.
Klokslag acht uur vertrekken we. Ook vandaag schittert de zon aan een wolkenloze hemel. Door een uitgetrekt gebied van zandduinen rijden we over een slechte weg met veel kuilen naar El-Oued. Van een zandwoestijn kun je hier eigenlijk niet meer spreken. De hele weg naar El-Oued is bebouwd, met huizen of kleine palmenoases in diepe zandkuilen. 't Roept bij mij het idee op van een randstad.
Een toeristische stop op een helaas wat minder mooi stuk. Maar ja, hier is wat provisie te verdienen voor onze reisbegeleider! Enkele woestijnbewoners staan hier klaar met een kameel, waarop wij geacht worden een paar rondjes te rijden - tegen betaling uiteraard. Ook hebben ze een jong woestijnvosje gevangen, dat ons vanuit een veel te klein hok zielig en bang aanstaart.
We laten dit kleine circus voor wat het is en wandelen getweeën in de richting van een wat verder van de weg af gelegen nederzetting. Voorbij een in een diepe kom gelegen palmentuin, de randen tegen het stuifzand afgeschermd met in de bodem gestoken palmtakken - analoog aan onze rietschermen in de duinen - ontmoeten we Peter, die al helemaal niets van het toeristisch gebeuren aan de weg wilde weten en al vóór ons naar de nederzetting vertrok. Helaas rest ons te weinig tijd om zijn route helemaal te volgen.
Enige tijd later maken we een tweede stop in de zandduinen voor El-Oued. Marjan en ik maken van de gelegenheid gebruik om een kort wandelingetje in dit gebied te maken. Hier zien we ook enkele kamelen, die de spaarzame begroeiing afgrazen. De schuwe beesten blijven 'n flink eind bij ons uit de buurt.
De markt van El Oued
El-Oued is, heel anders als Touggourt, een moderne stad met veel flats en brede lanen in de buitenwijken en een mooi oud centrum. De stad ook van de 'duizend koepels' die de platte daken vervangen die men overal elders in de Sahara (uitgezonderd Tunesië) ziet. Door de koepelvorm wordt een grotere hoeveelheid licht en warmte weerkaatst. Een ander voordeel is dat het woestijnzand bij een storm minder gemakkelijk op de daken kan blijven liggen. De Berbernaam Souf, wat 'Vallei' betekent, geeft aan dat vroeger hier een oued liep. Dit oued is in de loop der eeuwen onder de grond gedoken. El-Oued is omgeven door immense zandduinen die het Grote Oostelijke Erg voortzetten in noordelijke richting tot aan de Tunesische grens.
We wandelen met MoMo naar het plaatselijke museum. Vandaar gaan Mar en ik naar de marktplaats, de grootste en drukste die we tot nu toe op onze reis zagen. Het grote plein ligt aan de rand van de binnenstad, die het exotische markttafereel een schitterend decor biedt met z'n ontelbare koepels en minaretten.
Er is een aparte vleesmarkt met bloederige koeie- en geitekoppen aan de muren, die de versheid van de uitgestalde waren moeten aangeven. Overal zwermen grote zwarte vliegen. Op de warenmarkt is letterlijk van alles te koop. Van cassettes tot fruit, van radio's tot kleding. We zien traditionele artikelen naast de produkten van de westerse high tech industrie, broederlijk zij aan zij. Het is er overvol en af en toe wandelen we even een zijstraat in, om aan de drukte te ontsnappen, maar natuurlijk zijn we ook nieuwsgierig naar hoe het er in de binnenstad van El Oued uitziet. Via smalle straatjes terug naar het afgesproken ontmoetingspunt - zo gaat dat nu eenmaal op georganiseerde reizen! Lunch in Hotel El Souf.
Tijdens de lange en saaie tocht naar Biskra maken de zandduinen geleidelijk plaats voor uitgestrekte chebkas met spaarzame begroeiing en de zoutmeren van Melrhir en Merouane.
Bij één van die zoutmeren houden we een korte stop. Het weer is inmiddels verslechterd. In het olieachtige wateroppervlak van het meer weerspiegelen zich donkere regenwolken die snel naderbij drijven. Vanaf een volgende stop bij een zwavelhoudende warme bron, de laatste voor Biskra, kunnen we in de verte de toppen van het Aures Gebergte al zien liggen. MoMo maakt van de gelegenheid gebruik even rond te spetteren in de bron die naar zijn zeggen een geneeskrachtige werking heeft.
Net als gisteren verslaap ik een flink deel van deze middag - zonder spijt overigens, want veel kan ik niet hebben gemist.
Vond ik El-Oued al een vrij moderne stad, Biskra is er écht een. Het is een hele overgang van de woestijnsteden naar deze stad, die veel meer lijkt op de steden in het noordelijke kustgebied van Algerije. Ook zien we hier weer de Franse invloeden terug, die in de woestijngebieden ontbraken.
Biskra staat bekend om z'n dadels. In het centrum waar de bus ons afzet, bezoeken we dan ook een hele reeks winkels waar deze vruchten in alle soorten en maten te koop zijn. Marjan en ik maken nog een ommetje om iets van de stad te zien, al is het ook laat. Een kleine buurtmarkt is net aan het opruimen. Hier en daar wordt bij het scheiden van de markt nog vlug een voordelige koop gesloten.
De bus pikt ons weer op voor het laatste stukje naar het hotel voor vannacht, het Hotel des Zinbans. Kamer 300 ditmaal, met een, bijna saai, wit plafond. En alles werkt zowaar in dit hotel! Nog voor het eten nemen we lekker samen 'n warm bad.
Het eten is hier erg goed. Vooraf een tomatensalade, dan graansoep en als hoofdgerecht een specialiteit van de streek: aardappelen, wortelen,pannekoekjes en rundvlees in een hete saus in een grote stoofpot. Ik weet niet hoe het heet, maar het smaakt prima. De maaltijd wordt besloten met een overvloed aan verse mandarijnen en dadels. 's Avonds is er een soort kinderfestival annex disco in het hotel. Ondanks het lawaai slapen we als rozen. Lees verder ...
HetMagazijn