Op reis
Over de Hoogbuurlose Heide naar Kootwijk
Maandag 18 april 2011. Op bezoek bij vrienden in een naburig dorp. Daarvoor kun je natuurlijk in de auto stappen, maar ... je kunt van zo'n reis ook veel meer maken, door de auto te laten voor wat-ie is en eens de fiets uit de schuur te halen. Met de auto zie je asfalt en stoplichten, er flitst wat groen langs. Er zijn maar weinig dingen die me minder bijblijven dan een autorit. Met de fiets echter beleef je de natuurlijke omgeving - zeker als je zoals wij in een gebied leeft, waar veel natuurschoon is.
Omdat onze stad zoals gezegd temidden van natuurschoon ligt, hebben we meerdere routes voor het uitkiezen. Onze route voert langs heide en door bos naar Hoog Buurlo, een eeuwenoude landbouwenclave waar de tijd (bijna) heeft stilgestaan. De oudste vermelding van de naam Hoog Buurlo dateert uit de negende eeuw. Eeuwenlang werd hier dezelfde vorm van landbouw bedreven, die gezien wordt als een voorbeeld van de potstalcultuur. Akkerbouw, het houden van schapen en het hakken van eikenhout (looizuur uit eikenschors werd gebruikt in de leerlooierij) waren de traditionele middelen van bestaan.

Over de Hoogbuurlose Heide naar Kootwijk
Een fotoserie van 73 beelden (opent in een nieuw venster).
De akkers en schapendriften bestaan nog steeds. Ook heeft het gebied nog dezelfde vorm als drie eeuwen geleden: ruwweg een cirkelvorm, omzoomd door beukenlanen. Langs één ervan rijden we naar de schaapskooi, eigenlijk het 'centrum' van het dorp. De schaapskooi is het nieuwste gebouw van het dorpje; de reconstructie werd in 2009 voltooid. De menselijke aanwezigheid in Hoog Buurlo bestaat uit twee voormalige boerderijtjes en drie inwoners.
Vanwege de lammertijd is de schaapskooi gesloten. De mogelijkheid van besmetting met Q-koorts is dan groot - te groot om bezoekers bij de dieren toe te laten. In een land met een afschrikwekkende intensieve veeindustrie als Nederland helaas heeft, zullen maatregelen als deze niet de laatste zijn ...
Even verderop bereiken we aan het einde van de beukenlaan de uitgestrekte Hoogbuurlose Heide. Een licht glooiend gebied met afwisselend droge en natte heide. Her en der bosjes berken tussen de hei, die de weidsheid van het gebied eerder accentueren dan beperken. Een schitterend gebied.

Aan de rand van een fraaie boszoom met bladknoppen die op uitbarsten staan, genieten we enige tijd van zon en landschap. Oude graspaden doorkruisen de heide. Ik wandel een eindje het gebied in, tot ik onze fietsen niet meer kan zien staan. De open ruimte, waar je behalve de wind alleen vogelgefluit hoort, is een fantastische plek om te zijn, en een die je alleen te voet en in stilte kunt beleven. Alhoewel we hier niet voor de eerste keer zijn, is ieder bezoek op z'n eigen manier toch weer mooi en uniek.
Bekijk de foto's maar eens en zie zelf, wat op zo'n plek 'waar niets gebeurt' allemaal te zien is!

Tijd om verder te gaan. Door het bos fietsen we naar het fraaie plaatsje Kootwijk (280 inwoners), doel van onze fietstocht.
Via een andere route door bos en langs hei keren we terug. Fraaie laantjes omzoomd met berken voeren ons naar de Oosterspoorweg en de autoweg, grove littekens in het landschap, ondanks pleisters op de wonde in de vorm van wildviaducten. Snel eroverheen en terug in de rust van de natuur.
Via Halte Assel, een oude spoorweghalte waar de trein op afroep stopte, en de helaas geel vergrasde Asselse Heide keren we via Hoog Soeren terug op ons beginpunt. Een fraai fietsritje van een kilometer of 40 door een mooi gebied dat nog eens bewijst hoe goed het toch kan zijn de auto gewoon te laten staan. Wat zegt u ... de tijdwinst als je met de auto gaat? Och ja, vast wel ... maar dan was het wel een dag geworden zonder bijzondere belevenis ... En een dag niets beleefd, is een dag niet geleefd!
En tot slot: Een gemeentebord wijst ons op een al bijna vergeten stukje minder vrolijke geschiedenis van dit gebied.
Tijdens de tweede wereldoorlog stonden in dit wandelgebied verschillende Duitse munitiedepots. Na de bevrijding is veel van de explosieven en munitie door de geallieerden onschadelijk gemaakt. Helaas zijn door de haast (vanwege de snelle opmars) destijds veel explosieven en munitie blijven liggen.
Tot nu toe konden deze explosieven en munitie nauwelijks kwaad, omdat ze ver van de wandelpaden afliggen en meestal bedekt zijn door een laag aarde en een zode.
Op dit moment, ruim vijftig jaar na de bevrijding, gaat de gemeente Apeldoorn samen met de Dienst Domeinen, de Explosieven Opruimingsdienst (EOD) en het Ministerie van Financiën de resterende munitie en explosieven in dit gebied opruimen.
De ruiming is noodzakelijk om een aantal redenen. Als nog langer wordt gewacht met ruimen, worden de explosieven en munitie steeds instabieler. Daarmee stijgt het risico dat het materiaal ontploft. Als nog pakweg 20 á 30 jaar met de ruiming wordt gewacht dan kunnen de explosieven en munitie bovendien gaan doorroesten waardoor ze onveilig worden en nog moeilijker te ruimen zijn. Daarbij kunnen de bij de explosieven en munitie gebruikte chemicaliën, bij doorroesten, in de bodem terechtkomen en dat is slecht voor het milieu.
De munitie en explosieven liggen verspreid over een terrein met een totale oppervlakte van ongeveer 340 hectare. De ruiming zal zeker enkele jaren in beslag nemen. Tenminste een keer per week worden de gevonden explosieven en munitie door de EOD tot ontploffing gebracht. Dit gebeurt op een beperkt aantal van te voren aangewezen zogenoemde springputten.
Als je zo door deze prachtige omgeving fietst, is zoiets het laatste waar je aan zou denken. Goed dat deze laatste overblijfselen van de oorlog nu definitief worden opgeruimd ...


